Volkskrant lezersreis naar de Caraïben

De Nederlandse eilanden Bonaire, St. Eustatius en Saba bieden dampende nevelwouden, mangrovebossen en bontgekleurde koraalriffen. Ga er tijdens de Volkskrant lezersreis luieren, snorkelen en bezoek diverse natuurbeschermingsprojecten van onder meer het WNF.

Je verwacht het gewoon niet; als je een stukje onder water zwemt voor de kust van Bonaire. Je zwemt langs een paar koraalrotsen, passeert een school razende papegaaivissen en dan staan daar opeens twintig kerstbomen op de zandbodem. Hun takken deinen traag heen en weer in de stroming, de stammen van wit kunststof zitten vast aan een blok beton. Rode stukjes koraal hangen als kerstballen in het zonlicht. Een vrolijke mobile voor alle babyvissen van het rif?
Je trekt wat onzeker de afwasborstel uit je duikvest en begint – zoals geïnstrueerd – te schrobben op een hoge tak. Valt niet mee; de algen zijn hardnekkig en je zweeft alle kanten op in je duikuitrusting. Met een schuursponsje poets je visdraadjes schoon waar de stekjes koraal aan hangen; want dat zijn het. Op vijf meter diepte kweken vrijwilligers het zeldzame hertshoorn- en elandgeweikoraal. En dat gaat best makkelijk: zet de knijptang op zo’n stekje, gebruik al je kracht, en hang het afgeknipte stuk koraal op dat dan weer vanzelf doorgroeit. Een nuttig klusje, en alle hulp is welkom.
‘Het valt niet mee vrijwilligers te vinden’, zegt eigenaar Paul Coolen van hotel Buddy Dive. Hij liet zich inspireren door koraalrestauratie in Florida. ‘We kunnen wel duizend van die koraalbomen neerzetten, maar die stekjes hebben veel verzorging nodig.’ Wie wat nuttigs wil doen, kan prima terecht in de Nederlandse gemeente Bonaire.

Klein Bonaire

Neem het gebrek aan bomen op dit droge eiland. Nadat de kolonisten alle bomen omhakten en geiten introduceerden, groeien er alleen nog stekelige of giftige bosjes. Natuurbeheerder Stinapa herplantte op het neveneilandje Klein Bonaire (2 bij 3 kilometer) onlangs achthonderd bomen uit lang vergeten zaadjes. Projectleider Elsmarie Beukeboom wijst tevreden op zwarte gaten in de harde koraalgrond, uitgehakt door militaire vrijwilligers, waaruit piepkleine scheutjes in potgrond steken. ‘Dat wordt een mooie Wayaca-boom.’ Beukeboom laat zien wat er moet gebeuren: ‘Je hangt de pomp in een van de brakwaterbronnen, vult die lege, 2 liter-limonadeflessen, en dan ga je met een kruiwagen alle boompjes langs. Kloekkloekkloek.’

koraal-caribisch-nederland

Klinkt heftig, maar een ochtendje met Beukeboom is geen straf. Je vaart bij zonsopgang naar Klein Bonaire met een goede kans om dolfijnen en zeeschildpadden te zien. Je draaft daar wat rond met een kruiwagen en blaast uit tijdens een picknick op No Name Beach. Ook op het hoofdeiland probeert een sympathieke Engelsman het verdwenen bos van Bonaire te herstellen. Mede omdat hij dol is op de Hollandse Papegaai. ‘Die prachtige en slimme vogel heet eigenlijk de geelvleugelamazonepapegaai, maar ik noem ’m Dutch Parot. Nederlanders weten namelijk niet dat ze een unieke papegaai hebben die bedreigd wordt’, zegt Sam Williams.
De 36-jarige papegaaiengek huisvest jonge vrijwilligers in een hutje bij de verlaten waterbron Dos Pos om papegaaien te verzorgen die in beslag zijn genomen of gewond zijn. Een dame uit het nabijgelegen dorp Rincon kreeg een training om rondleidingen te geven aan toeristen. Sam: ‘Zo creëer ik nog wat werkgelegenheid.’ Een groot hek rond diens terrein beschermt de gekweekte boompjes. ‘In Rincon kun je trouwens prima geit eten. Hoe meer hoe beter.’

opvang-papegaai-caribisch-nederland

Poco poco

Je kunt natuurlijk ook een week op Bonaire doorbrengen zonder je uit te sloven. Huur een roestige jeep zonder dak en rij van snorkelstek naar picknickplaats. Nergens in de Caraïben is het tropische rif zo goed beschermd en zo makkelijk bereikbaar. Of ga kajakken in het mangrovewoud, flamingo’s kijken bij het Pekelmeer of surfen op het ondiepe Lac Bay. En in welke Nederlandse gemeente kun je rondrijden in je zwembroek, met zwoele Tumba-muziek op Bon FM, of ’s avonds achterin de pick-up staan met de warme passaatwind in je haren? ‘Poco, poco’, zeggen voorbijgangers op de boulevard, en steken hun duim op. Rustig aan.
Maar toch: als je een paar uur een parkwachter helpt, of papegaaien met een gebroken vleugel voedert, dan zie je nog eens wat anders. En je steekt wat op. Al jaren prijst het Wereldnatuurfonds in Nederland Bonaire als lichtend voorbeeld van natuurbeheer in de Caraïben. De twee andere eilanden die zich vier jaar geleden aansloten bij Nederland, Saba en St. Eustatius, zijn aan een inhaalslag bezig.

kayakken-mangrovebossen-caribisch-nederland

Nevelwoud

Op dus naar Saba. In een propellervliegtuigje laag over zee richting die mysterieuze vulkaan die steil uit het water oprijst. Populair souvenir na de landing met piepende banden: een t-shirt met I survived the Saba landing.
Parkmanager Kai Wulf bestelt een biertje aan een hotelbar met uitzicht op donkergroene berghellingen en zee. ‘Eigenlijk zijn we hier nog maar net begonnen’, zegt de 52-jarige Duitser. Saba beschikt volgens hem over een befaamd maritiem park waar het goed mee gaat. Op het eiland is ook nog een snippertje beschermd gebied dankzij een royale Amerikaanse dame. ‘Ze had geen idee dat zij ooit een gesloten zwavelmijn op Saba had geërfd. We hebben haar overtuigd het terrein te doneren.’

Met een vinger op de landkaart: ‘Kijk, we willen alles beschermen boven deze 550 meter-lijn. Daar ligt waarschijnlijk het laagst gelegen nevelwoud ter wereld. Heel uniek, weten Nederlanders dat wel?’ De wandeling naar de vulkaantop in de wolken is populair onder bewoners en bezoekers. De klim is niet moeilijk, dankzij de betonnen treden die doorlopen tot aan de roestige zendtoren bovenop. Het verschil met Bonaire kan niet groter: een donkergroene jungle van palmen, woekerende klimplanten, bladeren zo groot als olifantsoren, orchideeën, reuzevarens en oude bergmahonie. Maar eenmaal boven verandert het bos. Wolkjes mist zweven tussen je benen door en overal glinsteren druppels. Op de lichtgroene baardmossen die aan takken hangen, op de rotsen onder je voeten en op de puntjes van je wimpers. Waag je je van het pad af dan glijd je enkeldiep de chocobruine modder in. Hou je vast aan luchtwortels en kruip op handen en voeten onder de omgevallen bomen door.
‘Hier sliep ik vaak met mijn vrouw in een tentje’, zegt ecoloog Tom van ’t Hof die een open plekje aanwijst. ‘En achter die boom hing onze douchezak.’ Tom schreef een boek over het Hollandse nevelwoud en wist de bouw van nieuwe zendtorens tegen te houden. ‘Raar, dat dit zeldzame bos nog steeds niet is beschermd.’

tom-hof-saba

Vrijwilligers

Voor vrijwilligers is genoeg te doen op Saba. Parkmanager Kai denkt hardop: ‘Nou, we kunnen hulp gebruiken met het onderhouden en aanleggen van wandelpaden. Maar dat is zwaar werk. Waarom niet wildkamperen bij de zwavelmijn? Daar broedt een enorme kolonie roodsnavelkeerkringvogels. Prachtige beesten! En die moeten geteld worden. Plus hun bijzondere roep moet
worden opgenomen.’ Je slaapt dan tussen rotskliffen aan zee. Op zee beschikt Kai over twee boten om te patrouilleren op de befaamde Saba Bank: een koraalplateau van 30 bij 60 kilometer op slechts 20 tot 40 meter diepte. ‘We gaan beginnen met een groot onderzoek naar haaien. Daarvoor moeten we onder meer honderd haaien vangen en voorzien van een tag. Dat is veel werk, dus vrijwilligers zijn welkom.’

Op het eiland St. Eustatius, zeg maar Statia in het Engels, trekt een vulkaan ook veel wandelaars. In de krater loop je door een regenwoud met enorme bomen die niet te vrezen hebben van orkanen. Daar kunnen vrijwilligers junglepaden onderhouden, en op het strand kun je zeevuil rapen, de bedreigde iguana helpen, nog meer roodsnavelkeerkringvogels tellen en ‘s nacht zoeken naar zeeschildpadden die eieren leggen. Dat dier spreekt tot de verbeelding, met zijn klunzige stijl en grote glansogen.

sea-turtle-conservation-bonaire

Op Bonaire zijn ze al heel ver met de bescherming van zeeschildpadden. ‘Kijk, onder dit bosje moet een nest zitten’, zegt Sue Willis van Sea Turtle Conservation Bonaire. Ook hier keren veel zeeschildpadden na decennia terug naar hun geboorteplek om eieren te leggen. De Britse biologe patrouilleert in haar boot, die het WNF dit jaar doneerde, langs de stranden om nesten te controleren.
Met haar vingertoppen woelt ze in het zand. ‘Ja, ik voel er eentje. We zijn net op tijd, het beestje zit verstrikt tussen wortels. En nóg een, en nóg een.’ Je twijfelt eerst nog aan het nut jaarlijks alle nesten te markeren met lintjes en uit te graven. Al dat geld en die moeite… De overlevingskans van een babyzeeschildpad is toch maar 1 op 1000. Verzwakte diertjes die niet eens op eigen kracht de waterkant halen, komen naar verwachting toch niet ver. Die scepsis smelt snel weg, zodra je een babyschildpadje dapper naar zee ziet stappen op zijn platte voorpoten. Eén vrijwilligster schuift aangespoelde schelpen en stukjes koraal opzij om het pad naar de zee te effenen, een tweede speurt de lucht af naar meeuwen. Sue: ‘Hé, daar loopt er een vast. Kun jij die even naar de waterkant tillen?’ Daar ga je dan, met een flapperende babyschildpad op je handpalm, richting de branding. Je aarzelt, 1 op 1000 is geen best vooruitzicht, maar de kleine schildpad begint al met grote ogen te peddelen richting horizon. Een vrijwilligster zwemt mee tot donkerder water – waar de diertjes minder afsteken tegen de witte zandbodem – maar het liefst vaar je erachteraan met een vliegdekschip.

Dit artikel is geschreven door Noël van Bemmel.

Ontdek deze reis:

Volkskrant lezersreis naar Caribisch Nederland. Een 14-daagse actieve natuurreis op Bonaire, St. Eustatius en Saba. Groepsreis langs hotels en appartement. Vanaf € 2435.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *